Inloggen

De Schrijverstafel

Wie veel ziet kan veel vertellen. Dat geldt ook voor ons werk. Met onze schrijverstafel gaan we echter een stap verder. Wat wij zien en ontwikkelen in de praktijk schrijven we ook op. Maar dat doen we niet zonder er eerst de literatuur op na te slaan. Het doel van onze bijdragen aan de schrijverstafel is enerzijds reflectie en verdieping bieden en anderzijds inspirerende ideeën en praktijkvoorbeelden aanreiken.


Wilt u zelf een bijdrage leveren aan kennisverspreiding via onze schrijverstafel? Neem dan contact op met ons. U kunt vrij uit onze bijdragen citeren zolang u zich houdt aan het auteursrecht en de richtlijnen van de APA. Het is echter niet toegestaan zonder toestemming bijdragen te kopiëren of in scholing en training te gebruiken.

Posted door op in Pedagogisch denken en doen

Kalkman, B. (2015). Ondernemende pedagogen gezocht. In Hans de Deckere e.a. (red.) (2014). De pedagoog in de spotlights, pp. 185-195. Opvoedingsidealen vanuit verschillende contexten. Amsterdam: Uitgeverij SWP.
http://www.swpbook.com/1735

Samenvatting
Deze bijdrage gaat over de pedagoog als ondernemer. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de pedagoog als ondernemer en de ondernemende pedagoog. Met een kritische blik wordt gekeken naar de plaats die pedagogen innemen binnen het onderwijs en hun invloed op de onderwijspraktijk. Daarbij heeft deze bijdrage vooral de schoolpedagoog in het vizier.
Omdat bij historische pedagogen het nodige ondernemerschap aanwezig was, kijken we ter inspiratie in de spiegel van twee Duitse pedagogen. De in Nederland relatief onbekende Paul Geheeb (1870-1961) als pedagoog en ondernemer en Martin Wagenschein (1896-1988) als ondernemende pedagoog.

Laat u inspireren, koop het boek of lees mijn bijdrage in PDF.

Download Ondernemende pedagogen gezocht

Hits: 2049
Waardeer dit blogartikel:

Begin 2014 ontstond in de publieke opinie een discussie over het christelijk onderwijs. Het hoofdredactionele commentaar in het Reformatorisch Dagblad van 31 januari 2014 was de aanleiding voor Bert Kalkman om te reageren. Het commentaar met de titel 'Goud in handen' stelt kritische vragen bij de manier waarop de identiteit in de praktijk doorwerkt. Scholen, zo wordt gesteld, hebben meer aandacht voor resultaten dan voor de vertaling van de identiteit in de lessen. Leerlingen ervaren de school, behalve de officiële momenten, niet als echt verschillend van andere scholen. Het heilig vuur lijkt langzaam te doven en christelijke scholen in het buitenland slagen er beter in hun identiteit voor leerlingen zichtbaar te maken.
Een stevig commentaar met, als de constateringen waar zijn, een sombere boodschap. In hetzelfde commentaar wordt echter gesteld dat wie kennis heeft van de christelijke traditie goud in handen heeft. Met andere woorden, bij voldoende kennis van de traditie komt het met het christelijk onderwijs wel goed. Maar zo eenvoudig is dat natuurlijk niet.

Wat mij raakte in het commentaar was dat de kritiek bijna aantoonbaar opgetekend leek uit de mond van prominente leidinggevenden en opiniemakers in het christelijk onderwijs. Daarmee lijkt de verantwoordelijkheid van het probleem verschoven te worden van de leidinggevenden en opiniemakers naar de leraren. Dat is echter de omgekeerde weg. Leraren moeten zich juist gesteund en geholpen weten om christelijk onderwijs in de praktijk vorm te geven.

Na mijn reactie op het krantencommentaar volgden een drietal reacties van de collega's Richard Toes (directeur van de Guido de Brés in Rotterdam), Frans van Hartingsveld (College voorzitter van de Jacobus Fruytier in Apeldoorn) en Henk Vermeulen (Driestar Educatief in Gouda). Interessant aan deze reacties is dat ze:

- Allemaal uit het voortgezet en hoger onderwijs komen;
- Alle drie de collega's historicus of classicus zijn.

Zonder hier nu diepgravend op in te gaan, houdt de vraag me bezig waar de pedagogen en schoolmeesters in dit debat zijn? Het kan toch, met alle respect voor de gewaardeerde collega's, niet waar zijn dat het pedagogisch gesprek over de toekomst van het christelijk onderwijs gevoerd wordt door niet-schoolpedagogen?

Daarom heeft het debat in de krant heeft me eens te meer overtuigd van de noodzaak van mijn stelling: 'Het is tijd voor een revival van het christelijk onderwijs!'

Deze bijdrage is een samenvatting van de twee opinieartikelen die ik schreef naar aanleiding van de discussie over christelijk onderwijs (RD, 21-02-2014 en RD, 05-03-2014). Ik hoop van harte dat het bijdraagt om het gesprek over de toekomst van het christelijk onderwijs naar een hoger plan te brengen en dat leraren geïnspireerd worden om onderwijs met een 'plus' te geven. Download het hele artikel.

Hits: 1955
Waardeer dit blogartikel:
Posted door op in Pedagogisch denken en doen

Opbrengstgericht werken is slechts didactiek. Een twijfelachtige uitspraak die ik recent tegenkwam bij iemand die verstandige dingen kan zeggen over besturen maar hier de plank mis slaat. De opmerking degradeert het onderwijskundig bezig zijn van de leraar tot 'slechts' didactiek. Alsof het niet meer voorstelt dan het open trekken van een truckendoos waarmee je leerlingen helpt beter te presteren. Een schromelijke vergissing. Didactiek, het praktisch handelen van de leraar, is de zichtbare uiting van wat ik benoem als pedagogisch denken. Denken dat gaat over wat goed is voor de ontwikkeling van kinderen. Pedagogiek is immers nog steeds leiding geven aan opvoeding. En dat doe je op op basis van wat je als opvoeder waarde(n)vol vindt. Als het goed is weten leraren wat ze waarde(n)vol vinden om door te geven aan leerlingen, als onze toekomstige medeburgers. De inzet van didactiek dient daarbij vooral om wat pedagogisch waarde(n)vol geacht wordt te realiseren. Wie zo denkt, laat het wel uit het hoofd om te spreken over 'slechts' didactiek. Didactiek is dus waarde(n) gestuurd, of leraren het zich bewust zijn of niet. Het praktisch handelen van de leraar is een visualisering van zijn achterliggende pedagogische visie en mensbeeld! Wie zegt dat opbrengstgericht werken slechts didactiek is, heeft wellicht zonder het te weten de pedagogische visie op kinderen verplat tot een economisch en mechanisch mensbeeld; input output denken wordt dat ook wel genoemd. De didactiek is daarmee het gereedschap geworden om output te genereren. Dan wordt het kind ingezet als middel om de wankele positie van Nederland op de PISA ranglijst naar een hoger plan te brengen. Of wellicht erger nog, het kind wordt ingezet om Nederland op te stoten naar de top 5 van de beste kenniseconomieën ter wereld. En kennis genereert geld en geld is macht. Opbrengstgericht werken is dus niet 'slechts' didactiek. Ten diepste schuilt er een mens- en wereldbeeld achter dat in de kern ver weg staat van de pedagogische opdracht; opvoeden tot verantwoordelijkheid en medemenselijkheid. Het recent verschenen boek van Gert Biesta (2012) 'Goed onderwijs en de cultuur van het meten' wijst er op dat onderwijs gaat over kwalificatie (kennis en vaardigheden), socialisatie (normen, waarden, cultuur) en de persoonsvorming (zelfstandig denken en handelen). Wie eenzijdig focust op kwalificatie verliest het zicht op de totaliteit, miskent de talenten van kinderen en vergeet op te voeden tot zelfstandigheid. Msschien is het toch verstandig de didactiek boven het 'slechts' uit te tillen en bewust in dienst te stellen van de pedagogiek. Vita(l) Education!

 

©Bert Kalkman
Hits: 3158
Waardeer dit blogartikel:

Publicatie op de opiniepagina in het Reformatorisch Dagblad 20120201 Opiniepagina RD over de eenzijdigheid van opbrengstgericht denken riep verschillende reacties op. Allereerst positieve reacties. 'Goed dat dit aan de orde gesteld wordt!. Je legt de vinger precies op de juiste plek. Dit is de kwestie waar het om gaat.' Mooi om te merken dat je mensen kunt helpen bij de gedachtevorming. Daarnaast reacties dat ik doorsla naar één kant en er beter aan zou doen een én én positie in te nemen. Iets wat ik vooralsnog niet doe. De grote groep houdt zich echter stil. Waarom eigenlijk? Zijn we moe van de power waarmee deze hausse over het onderwijs trekt en maken we er ondanks de twijfels toch het beste van? Leraren zijn wat dat betreft trouw. Een eigenschap die te prijzen valt. Desondanks doe ik de oproep: 'leraren laat u horen. Laat uw pedagogisch hart spreken. Laat het hart van de vakman spreken!' Beste collega's bent u zich bewust van wat zich stilzwijgend in het onderwijs voltrekt? Het is de economisering van het pedagogisch domein. En weest u eerlijk. Waar kijkt u de afgelopen twee jaar naar en waar spreekt u over? Dat gaat over de leerresultaten, over Cito-scores, over rode, oranje of groene kleuren in Parnassys of wat voor systeem u ook maar gebruikt. En werkt u in het voortgezet onderwijs, dan is het niet anders. Dan bent u gericht op uw toetsresultaten en is alles uiteindelijk gericht op de examenresultaten. Of ik daar dan tegen ben? Nee, natuurlijk niet. Ik heb niets tegen het maken van afspraken over te behalen resultaten. En dat behoren gewoon goede resultaten te zijn. Waar ik echter wel iets tegen heb, is de eenzijdige en inconsistente benadering van het begrip opbrengsten door OC&W, de onderwijsinspectie en in hun kielzog de adviseurs die er allemaal een graantje van mee proberen te pikken. Ondertussen praten we elkaar maar na en niemand weet meer precies waar het nu echt om gaat. Wat betekent een begrip als opbrengst eigenlijk? En welke pedagogische rijkdom gaat er achter schuil? Maar omdat we het daar niet meer over hebben, maar denken en spreken in termen van opbrengsten als leerresultaten, verarmt ons pedagogisch denken, kijken en handelen. Dat richt zich eenzijdig op de scores en steeds minder op de persoonsvormende kant en het leren als proces van zin- en betekenisverlening. Uiteindelijk is niemand er gelukkig mee. Maar omdat we denken dat het zo moet, houden we iets in stand waar we allemaal van weten dat het te kort doet aan de kern van het vak: opvoeden door onderwijzen. De enigen die er iets tegen kunnen doen zijn de leraren zelf. Doe er daarom iets tegen voor u niet anders meer kunt denken en handelen. En het u vergaat als de man die zei dat volgens hem het gras groen was. Maar toen twintig andere mannen vijf dagen lang, ieder uur, tegen hem zeiden dat het grijs was. Zei hij de zesde dag ook dat het gras grijs was. Toen het mooi weer werd dacht hij met heimwee aan de dagen dat er nog groen gras was om op te liggen en naar de blauwe wolkenlucht te kijken. Maar die tijd was voorbij, het groene gras was verdwenen en op grijs gras ga je niet liggen. Dus keek hij ook niet meer naar de blauwe wolkenlucht en daarmee was het slechts herinnering!

Volgende keer over de klassieke fout van hen die denken dat OGW gewoon didactiek is en niets met pedagogiek te maken heeft.

Hits: 2683
Waardeer dit blogartikel:
Posted door op in Pedagogisch denken en doen

Kalkman, B. (2011). Over opbrengsten gesproken. In Artificium special, Over opbrengsten gesproken!? (pp.14-29). Gouda: Driestar Educatief.

Samenvatting

Spreken over opbrengsten is 'hot'. Het is echter een eenzijdige en cijfermatige benadering van de pedagogische werkelijkheid. Daar komt bij dat sprake is van een grote mate van inconsistentie in begripshantering, ook door OC&W i.c. de inspectie van het onderwijs. Leerresultaten en opbrengsten worden willekeurig gebruikt en slechts economisch ingevuld. Dat leidt tot economisering van het pedagogisch domein, waardoor leraar zijn met hart ziel in de knel komt. Daarom stelt Bert voor het begrip opbrengsten te herdefiniëren, en de oorspronkelijke betekenis nieuw leven in te blazen. Opbrengst verwijst namelijk naar iets naar boven brengen of de oogst, de opbrengst van het land. En voor beide is inspanning nodig, maar anders en rijker dan de economische benadering die nu in Nederland de scholen beheerst.

Download hele artikel

©Bert Kalkman
Hits: 2982
Waardeer dit blogartikel: